Kenmerkenlijst van hoogbegaafde baby’s en peuters

Hieronder vind je een lijst met kenmerken van baby’s en kinderen met een flinke ontwikkelingsvoorsprong. Eigenlijk zijn wij, de experts van deze groep, niet zo’n fan van deze lijstjes. Er schuilt namelijk een groot gevaar aan lijstjes; niet elk kind voldoet aan alle kenmerken die er in staan. En niet álle kenmerken staan er in. Daarbij kunnen kenmerken bij ieder kind verschillend uitpakken. Wees dus voorzichtig met interprestaties.

Toch kan een kenmerkenlijst ook wel heel verhelderend werken wanneer er twijfel is over het gedrag van een kind, of over een mogelijke ontwikkelingsvoorsprong. Lees de lijst maar eens goed door. Eventueel kun je contact met een van de experts opnemen als je er dan nog niet uitkomt.

DSC06580

Deze baby heeft vanaf de eerste dag een intense, oplettende blik. De baby slaapt weinig en maakt graag alles mee. Hij lijkt alles te willen snappen.

Pasgeborenen:

  • In buikligging al snel zijn hoofdje optillen om zijn omgeving te bekijken. (soms met 1 week)
  • Ouders hebben veel eerder oogcontact met hun baby dan andere ouders.
  • De baby glimlacht al heel vroeg (soms na een paar dagen al). Dit zijn dan echt geen stuipjes.
  • Regelmatig zien opvoeders een alerte, heldere blik bij hun baby. Hij heeft onderzoekende ogen, je ziet hem ‘denken’.

Oudere baby’s:

  • Enorme nieuwsgierigheid: de baby wil alles gezien hebben en wil daarom zelfs niet slapen. Veel van deze baby’s hebben ook minder slaap nodig. Het zijn erg energieke baby’s die constant op zoek gaan naar een nieuwe uitdaging. Dit geldt niet voor alle snelle baby’s.
  • Grote gevoeligheid voor prikkels. De ene baby raak van prikkels enorm gestimuleerd en wil met die prikkel bezig. Deze baby ligt niet graag in een box. Andere baby’s raken overprikkeld en willen zich terugtrekken in een box of wiegje.
  • De motorische ontwikkeling gaat sneller dan normaal. Baby’s kunnen eerder zitten (<7 mnd), kruipen (<9 mnd) en staan (<10 mnd) en soms al lopen (<13 mnd). Sommige hoogbegaafde baby’s zijn juist later met deze dingen. Dit zijn vaak perfectionistische kinderen die pas een handeling doen als ze helemaal zeker weten dat ze het kunnen.
  • Frustratie-gevoelens: ze willen vaak al heel veel, maar kunnen dat motorisch nog niet aan. Dit kan voor huilbaby’s een reden tot huilen zijn.
  • Vroeg praten met woordjes en korte zinnetjes. (<12 mnd). Deze voorsprong is blijvend.
  • Een enorme passieve woordenschat. Deze voorsprong is blijvend.
  • Intensiteit: emoties zijn bij deze kinderen vaak intens: intens blij, verdrietig, etc.

Peuters:

  • Grote belangstelling voor allerlei onderwerpen (dino’s, natuur, heelal, automerken, etc.).
  • Wil alles zelf doen, is erg zelfstandig. Wil het ook op eigen manier doen, wil eigen keuzes maken. Het kind heeft een ‘sterk eigen willetje’. Is daarbij ook kritisch.
  • Perfectionistisch: doet dingen heel precies en stelt hoge eisen, aan zichzelf én aan anderen.
  • Tomeloze energie: ondernemend, soms tot ‘t onmogelijke toe. Slecht omschakelen naar rust.
  • Snelle cognitieve ontwikkeling: kan kleuren benoemen, tellen, herkent cijfers en letters, heeft getalbegrip (vaak al heel jong), kent tegenstellingen al vroeg, kan al jong puzzelen met veel stukjes… etc.
  • Sociaal/emotioneel gezien verder dan groepsgenootjes. Dit bemoeilijkt het spel en de omgang met anderen door onbegrip. Dit levert vaak teleurstellingen op en gevoel van onbehagen. Dat wordt vervolgens soms onterecht aangezien voor sociale achterstand.Rode blokje-strip
  • Grote taalvaardigheid met correcte zinsbouw. Begrijpt woordgrapjes.
  • Tekent veel details. Bijv. een gezicht met ogen, wimpers en wenkbrauwen. Ook al is dit nog niet duidelijk/goed getekend, de details zijn wel aanwezig.
  • Vertoont soms angsten die meer bij oudere kinderen passen. Ze zijn bewuster voor gevaren.
  • Is erg gevoelig. Prikkels (bijv. geluiden, maar ook emoties) komen sterker binnen. Reactie: overschreeuwen of juist terugtrekken.
  • Opstandig of boos door frustratie. Dit komt door gebrek aan uitdaging, doordat het iets wil maar nog niet kan, of door zich anders voelen. Soms is dit boze gedrag alleen thuis zichtbaar.
  • Houdt zich bezig met ‘grote mensen zaken’, zoals geboorte, de dood, etc. Is gauw bezorgd.
  • Nieuwsgierig: peuter staat altijd vooraan, wil precies weten wat er gebeurt. Vraagt veel.
  • Grote fantasie: peuter heeft verzonnen vriendjes, en/of grote verbeelding in zijn spel.
  • Oriënteert zich snel in de ruimte/omgeving (kan de weg goed onthouden, weet precies waar alles ligt)

Nog vragen? Neem dan contact op met een van de experts.